Een naaiclub ochtend

6 mrt, 2017 | Dialoog, Marc | 0 Reacties

“Hebben we nog nopjesgoed?” vroeg Ria aan Gerda.

Gerda keek in de kast, rommelde wat in de ladekast die ernaast stond, en pakte een volle supermarkttas uit de middelste la.

“Grof, blauw, en heel fijn, lichtgeel.”

Ria kon beide wel gebruiken. Gerda toonde haar beide soorten. Ze vond de gele mooier dan de blauwe. In de pauze zei Wilma dat het voor haar een gedenkdag was, haar vader zou vandaag 85 zijn geworden, maar hij was al ruim drie jaar dood. Hij was van eenvoudige komaf, maar kon best dikdoenerig zijn op zijn tijd. Na een half uur had Ria al een opzetje gemaakt voor haar wandkleed. Het nopjesgoed paste mooi in het geheel. Wilma zei dat ze zoiets in een week of twee had klaargespeeld. Ja zij wel, dacht Ria. Zij had zich nog nooit door haar laten opjutten. Na nog zo’n drie kwartier was de ochtend van naaiclub afgelopen. Het was weer lekker gegaan.

(schrijven met nopjesgoed, gedenkdag, komaf en opjutten)

 

Marc

Uw commentaar verschijnt niet automatisch, maar wordt beoordeeld door de redactie…